Blijf op de hoogte!

Elke zondag onze digitale nieuwsbrief ontvangen? Schrijf je gratis in »

Over boeren, burgers en buitengebied

woensdag 21 februari 2018
Leestijd: 
2 á 3 minuten

Ze hingen zowat met de benen buiten, gisteravond aan de Noordkade in Veghel. Daar werd een door de gemeente georganiseerde bijeenkomst gehouden over de toekomst van het buitengebied. Er zijn twee goede redenen om het daar eens over te hebben.

Reden één is dat er de komende jaren grote veranderingen te verwachten zijn in dat buitengebied. Sociaal geograaf Sjors de Vries was door de gemeente ingehuurd om een reeks van die veranderingen op te sommen voor het publiek dat uit bijna 200 mensen bestond.

Prognoses

Het aantal boeren neemt verder af en de boeren die overblijven maken hun bedrijven alsmaar groter, voorspelde hij. Tegelijkertijd gaan steeds meer mensen er de lol van inzien om juist kleinschalig te boeren. Verder hebben vergrijzing (juist op het platteland worden mensen heel oud) en ontgroening (de jeugd trekt naar de steden) invloed op het buitengebied. En dan is er nog de groeiende leegstand – in 2030 staat er alleen in Brabant al 8 tot 10 miljoen m2 aan stallen leeg. Wat dan weer leidt tot ongewenste ontwikkelingen: asbest dat maar niet van de daken wordt gehaald en groeiende drugscriminaliteit.

Geen idee of het allemaal uitkomt, want De Vries zei over zijn voorspellingen: ‘Dit zijn prognoses en prognoses komen nooit uit.’ We hadden bijna spijt dat we aantekeningen hadden gemaakt. Opmerkelijk is verder dat De Vries voorzag dat er in het buitengebied plaatsen komen ‘voor beleving, ontmoeting en waar dingen bij elkaar komen’.

Iets concreter was fijn geweest.

Visie

Tot zover de eerste reden waarom het goed is dat er door zoveel mensen werd gesproken over het buitengebied. Reden twee: het College heeft zelf nog geen idee wat ze met het buitengebied wil. Er is na ruim een jaar Meierijstad nog niet zoiets als een visie ontwikkeld. Dat moet rap gebeuren, want tijdens de discussies in deelsessies werd duidelijk dat er nogal wat van de lokale overheid wordt verwacht. Of de gemeente bijvoorbeeld maar wat gemakkelijker wil worden als iemand in een lege stal een bedrijf wil beginnen, ook als dat bedrijf (nog) niet past bij het bestemmingsplan. En ondernemers willen best wat bedenken op het gebied van recreatie en toerisme, maar stuiten nogal eens op een gemeente die vooral nee verkoopt.

De visie komt er voorlopig nog niet, mocht de zaal concluderen uit het slotwoord van wethouder Erik van den Boogaard (Buitengebied, Team Meierijstad). Het wachten is op ambtenaren die iets met trends en ontwikkelingen gaan ontdekken en betrokken inwoners die in klankbordgroepen verder gaan denken over de thema’s die bij het buitengebied horen: natuur en milieu, recreatie en toerisme, wonen, landbouw, leegstand en nog zo wat dingen.

Klankbordgroepen

Het lijkt, oppervlakkig beschouwd, in lijn met onze ideeën over betrokkenheid van boeren, burgers en buitenlui. ‘Hart voor Schijndel’ is immers warm voorstander van intensieve bemoeienis door iedereen die belang heeft of voelt bij het buitengebied. Als het aan ons ligt, krijgen die mensen zelfs veel vrijheid en bevoegdheden om knopen door te hakken. Dat moet echter wel gebeuren op basis van randvoorwaarden en die randvoorwaarden volgen uit een visie. Dus kom, wethouder Van den Boogaard, vertel ons binnenkort maar eens wat die visie is. Dat vinden de in te stellen klankbordgroepen vast ook fijn.

Verder was het misschien een idee geweest om al die aanwezige dames en heren ter plekke tot klankbordgroep te bombarderen. We adviseren de wethouder dat alsnog te doen – hoe vaak tref je zoveel enthousiaste en bevlogen mensen op één plek? Hou die energie vast en verleid ze om mee te blijven doen.

Tegen

Waarbij extra aandacht voor de deelnemers aan de groep ‘natuur en milieu’ misschien wel nodig is. De voorzitter daarvan vertelde tijdens het plenaire slot dat in haar groep met betrekking tot natuur en milieu ‘sommige mensen voor en sommige mensen tegen’ waren.

Tegen? Tegen natuur en milieu? Jeetje.