Word Lid!

Betaal wat je wilt of kunt, en steun Hart voor Schijndel »

Eenmalig mazzeltje en structurele lasten

donderdag 26 oktober 2017

Je moet er behoorlijk nauwkeurig voor in de kleine lettertjes en vooral cijfertjes duiken, maar dan zie je het: de gemeente Meierijstad gebruikt een eenmalige meevaller om structurele uitgaven te betalen. Onze wethouder financiën speelt gevaarlijk spel.

Volgende week staat de begroting 2018 op de agenda van de raadscommissies. We geven nu alvast één onderwerp weg waar ‘Hart voor Schijndel’ de aandacht voor vraagt: financiën. Het College kan zich dan alvast schrap zetten.

Hondsberoerd

We hebben al vaker uitgelegd dat de toenmalige Veghel er hondsberoerd voor stond, als gevolg van een enorme hoeveelheid onverkochte grond. Gelukkig wordt er de laatste tijd nogal wat grond verkocht. Het komend jaar ook, lezen we in de begroting. Het College rekent zich rijk met € 26 miljoen aan inkomsten vanwege die verkopen.

Wat gebeurt er met dat geld? Het grootste deel, € 16 miljoen, wordt gebruikt om kortlopende schulden af te lossen. Heel wijs. Maar de begroting laat zien dat schulden die lang lopen juist toenemen. Met maar liefst € 2 miljoen. Dus: we krijgen € 26 miljoen binnen uit grondverkopen en de schuldenlast daalt maar met € 14 miljoen.

Lees en turf

De vraag: waar blijft de rest? We lopen wat mogelijkheden af. Lees en turf mee.

1. De gemeente gaat meer dingen kopen, zoals gebouwen, auto’s of lappen grond. Nee. Dat doet de gemeente niet. De waarde van bezittingen neemt niet toe.

2. We krijgen meer eigen vermogen, doordat het gat tussen schulden en bezittingen groeit. Dat is ook niet het geval. In tegendeel: het eigen vermogen daalt.

3. We zetten meer apart om tegenvallers op te vangen. Nee. Het weerstandsvermogen daalt ook al.

4. We hebben meer ruimte om aan allerlei financiële verplichtingen te voldoen. In het jargon van controllers: de solvabiliteit groeit. Noppes. Ook die neemt af.

5. Het resultaat, in bedrijfskringen winst genoemd, groeit. Dat is een heel klein beetje waar. Als we alle uitgaven aftrekken van alle inkomsten, dan houden we ongeveer € 450.000 over. Roep het niet te hard, want voor we het weten zitten we met een zevende, lintjes doorknippende, wethouder opgescheept.

Voorspelling

Overigens is dat positieve resultaat nog geen 2 procent van de inkomsten. Hart denkt trouwens dat we dat we die bijna vijf ton nog hard nodig hebben. Zo staan er allerlei beheerplannen op stapel, waarvoor echt veel te weinig geld is gereserveerd. Ook zijn nogal wat risico’s te rooskleurig ingeschat. In 2019 blijkt dat 2018 verliesgevend was, voorspellen we.

Noteer deze voorspelling. Reken ons er op af, begin 2019.

Terug naar de zoektocht naar het verdwenen geld. We weten waar het is gebleven: het is uitgesmeerd over allerlei potjes en bestedingen die structureel zijn. Kosten, die dus jaar op jaar terugkomen. En die betalen we in 2018 onder meer met eenmalige inkomsten. De salarissen van zes wethouders bijvoorbeeld en het spaarpotje voor het wachtgeld van diezelfde wethouders (daar zit nu dus al € 1,5 miljoen in voor zes mensen).

Allemaal leuk en wel, maar wat nou als we in 2019 geen grond verkopen? Wat dan? Welke wethouder neemt dan ontslag en zegt ‘Laat dat wachtgeld maar zitten?’

Nou..?